Clark Gillian Website

Wat Confucius allemaal zei.

De analecten;
Boek 1: studie.


🧧


Wat Confucius zei:

 

Is het niet zo fantastisch om te blijven leren en vol toewijding door te zetten?

 

Is het niet geweldig om vrienden op bezoek te krijgen die van heel ver komen?

 

Wie deugt er zo hard dat die hetzelfde blijft wanneer niemand meer kijkt?


 

子曰

 

學而時習之,

不亦說乎?

 

有朋自遠方來,

不亦樂乎?

 

人不知而不慍,

不亦君子乎?


🧧

 


Nu was er een filosoof die zei:

 

Er zijn er maar weinig die goed overeenkomen met hun ouders en hun broers en zussen, maar terzelfdertijd niet overeenkomen met hun bazen of leerkrachten.


En onder de mensen die het niet nodig vinden om te vechten voor het laatste woord, is er geen enkel die graag ruzie gaat stoken.          
Streng omgaan met waar uw aandacht naartoe gaat, dat is waar de deugdzamen op letten.

 

En van daaruit groeien alle praktische dingen vanzelf.

 

Ouderlijke en broederlijke plicht, is dat niet de basis van alle deugdzaamheid?”




有子曰

 

其為人也孝弟,

而好犯上者,

鮮矣;

不好犯上,

而好作亂者,

未之有也。

 

君子務本,

本立而道生。

 

孝弟也者,

其為仁之本與!


🧧


Wat Confucius zei:

 

Indruk maken met moeilijke termen of uw uiterlijk appetijtelijk maken zijn beide dingen die niet direct doen denken aan deugdzaamheid.



子曰

 

巧言令色,

鮮矣仁!


🧧

 


En er was een andere filosoof die zei:

 

Ik laat geen enkele dag die voorbij gaan vooraleer ik deze drie vragen stel aan mezelf:      
Ben ik trouw geweest in het zakendoen met mijn klanten?   


Ben ik oprecht geweest in het omgaan met mijn vrienden?  


Heb ik alles wat ik geleerd heb ook echt praktisch onder de knie? 



曾子曰

 

吾日三省吾身

 

為人謀而不忠乎?

 

與朋友交而不信乎?

 

傳不習乎?”


🧧


Wat Confucius zei:

 

De weg voor een land met duizend strijdwagens:

 

Even oprecht zijn in zaken als in woorden.

 

Een nut hebben voor alle uitgaves met respect voor de mensen.

 

Tijdig het volk consulteren.



子曰

 

道千乘之國

敬事而信,

節用而愛人,

使民以時。


🧧


Wat Confucius zei:

 

Wanneer je nog jong bent en thuis woont, toon respect voor uw ouders.

 

Zodra je op jezelf woont, wees respectvol tegenover alle ouderen.

 

Denk altijd na vooraleer je spreekt, sta achter uw woorden.

 

Apprecieer alles en iedereen en maak medemenselijkheid uw beste vriend.

 

Als je hierna nog energie over hebt, steek dit dan in studeren.
 


 

子曰

 

弟子入則孝,

出則弟,

謹而信,

汎愛眾,

而親仁。

 

行有餘力,

則以學文。


🧧

 


Iemand anders zei:

 

Wie zijn of haar gedachten kan losmaken van een obsessie met uiterlijkheden en dezelfde moeite steekt in deugdzaam zijn;

 

En als ze in het verzorgen van hun ouders hun kracht kunnen tonen;

 

Als ze hun leven kunnen toewijden aan hun plichten;

 

Als ze in de omgang met hun vrienden altijd oprecht spreken;

 

Dan maakt het mij helemaal niets uit of zij gestudeerd hebben of niet.

 

Ik zal in alle talen beweren dat zij geleerd zijn.



子夏曰

 

賢賢易色,

事父母能竭其力,

事君能致其身,

與朋友交言而有信。

 

雖曰未學,

吾必謂之學矣。


🧧

 


Wat Confucius zei:

 

Als de leerling niet ernstig is, dan gaan mensen hem of haar niet direct bewonderen voor wat ze geleerd hebben;

 

En alles wat ze geleerd hebben zal ook niet blijven steken.

 

Neem vertrouwen en oprechtheid als uw basis.

 

Het is beter geen vrienden te hebben, dan vrienden die u niet op hetzelfde niveau begrijpen.

 

Weten dat je gebreken hebt is één ding.

 

Wees ook niet bang om de stap te nemen en ze achter te laten.           



 

子曰

 

君子不重則不威,

學則不固。

 

主忠信,

無友不如己者,

過則勿憚改。


🧧

 


Er was ook een andere filosoof die zei:

 

Moest iedereen grondig rouwen om hun ouders en zorgen dat de afscheidsceremonie iets betekent, dan zou de integriteit van de gemeenschap terugkeren.



曾子曰

 

慎終追遠,

民德歸厚矣。


🧧

 


En dan viel het voor dat de ene filosoof aan de andere vroeg:

 

Wanneer onze grote leraar naar om het even welk land gaat, dan leert hij alles wat er te leren valt over hoe zij hun land organiseren.

 

Vraagt hij ook zelf naar deze informatie, of wordt het zo aan hem gegeven?


De andere filosoof zei:

 

Onze grote leraar is een goedhartige goeie kerel, beleefd; altijd beheerst en meegaand en daardoor komt deze informatie vanzelf naar hem toe!

 

Fantastisch toch, hoe hij dat klaarspeelt?          



子禽問於子貢曰

 

夫子至於是邦也,

必聞其政,

求之與?

 

抑與之與?

 

子貢曰

 

夫子溫、

良、

恭、

儉、

讓以得之。

 

夫子之求之也,

其諸異乎人之求之與?


🧧


Wat Confucius zei:

 

Wanneer de ouders nog leven, heeft een mens bepaalde gewoontes en doelen.

 

Wanneer de ouders zijn gestorven, zegt het gedrag van de nakomelingen veel.

 

Als hun levenswijze tot drie jaar na de dood van hun ouders geen grote veranderingen heeft doorstaan, dan kan je besluiten dat die persoon pas echt in lijn leefde met de waarden van zijn of haar ouders.       



子曰

 

父在,

觀其志;

父沒,

觀其行;

三年無改於父之道,

可謂孝矣。


🧧


Er was een filosoof die zei:

 

Iemand die fatsoenlijk en beleefd is met spontane naturel moet echt geprezen worden.

 

Zoals de oude koningen het destijds hebben beschreven is dit ook een magnifieke eigenschap, en we moeten hen proberen volgen in de grote en kleine dingen.

 

Maar uiteraard niet in alle dingen. Als iemand bijvoorbeeld fatsoenlijkheid en beleefdheid tentoonspreidt speciaal om geprezen te worden, dan is het evident dat dat nu niet de bedoeling is.

 



有子曰

 

禮之用,

和為貴。

 

先王之道斯為美,

小大由之。

 

有所不行,

知和而和,

不以禮節之,

亦不可行也。



🧧

 


Nog een andere filosoof zei:

 

Als er fatsoenlijk wordt overeengekomen,

Dan telt de afspraak.

 

Wanneer respect betuigd wordt op fatsoenlijke wijze, vermijdt men schaamte en schande.

 

Als de mensen waarop iemand steunt allemaal mensen zijn die je kan vertrouwen met de meest persoonlijke dingen, dan kan je van hen zien als uw gidsen en meesters.       



有子曰

 

信近於義,

言可復也;

恭近於禮,

遠恥辱也;

因不失其親,

亦可宗也。


🧧


Wat Confucius zei:

 

Probeer in uw maaltijden niet per se uw eetlust te verzadigen,

of uw thuis zo in te richten dat alles zo makkelijk mogelijk is;

 

Oprecht zijn in alles wat je doet, beheerst in alles wat je zegt,

zoek het gezelschap van mensen met principes waar je naar opkijkt, zodat jij ook kan groeien naar dat voorbeeld.

 

Dat is iemand die je echt leergierig kan noemen.



子曰

 

君子食無求飽,

居無求安,

敏於事而慎於言,

就有道而正焉,

可謂好學也已。


🧧


Een filosoof zei:

 

Wat zeg je van de volgende dingen:

 

Een arm persoon die nooit vleit en een rijk persoon zonder trots?

 

Confucius antwoordde:

 

Die kunnen er nog mee door, maar ze vervallen in het niets tegenover iemand die ondanks armoede nog vrolijk blijft of iemand die heel rijk is en toch fatsoenlijk blijft.

 

De filosoof antwoordde:

 

In het boek der Oden staat:

‘Hak en stapel zoals je kerft en polijst.’

 

Het lijkt mij dat dit hetzelfde is als wat jij net hebt gezegd.

 

Confucius zei daarop:

 

Met jou kan ik pas spreken over de oden van de oudheid. Ik zei één iets, en jij wist mij aan te vullen met de juiste verzen.     


子貢曰

 

貧而無諂,

富而無驕,

何如?

 

子曰

可也。

未若貧而樂,

富而好禮者也。

 

子貢曰

 

詩云

如切如磋,

如琢如磨。

 

其斯之謂與?

 

子曰

 

賜也,

始可與言詩已矣!

告諸往而知來者。


🧧


 

Wat Confucius zei:

 

Het stoort mij niet als mensen mij niet zouden kennen;

 

Het enige wat mij deert is als ik mensen niet zou kennen.    



子曰

 

不患人之不己知,

患不知人也。



🧧